Transvaaltunnel 1985
Painting of the tunnel with spraycans and stencil in Amsterdam.120 meter, entitled: "World without frontiers".
In 1985 the municipality of Amsterdam asked Hugo for a visual solution for a pedestrian tunnel at the Transvaalquarter of the city. As the neighbourhood was populated by a mix of cultures from Surinam,Turkey,Morocco and Amsterdam natives Kaagman was requested to melt his styles in a recognizable atmosphere that could prevent vandalism and promote integration.
Mijn blikveld wordt vrijwel dagelijks getroffen door een schildering ('piece' voor intimi), die Hugo Kaagman enige jaren geleden heeft mogen maken in het voetgangers- en fietstunneltje tussen Platanenweg en Tugelaweg in Amsterdam. Gelegaliseerde graffiti-kunst, die door jan-en-alleman welwillend in ogenschouw wordt genomen. Kaagman bewees immers, dat er met de spuitbus toch aardige dingen gemaakt konden worden. Hij construeerde daartoe een soort geschilderde tegeltableaux, die door het gebruik van heldere, zachte kleuren en hoekige vormen enigszins aan art déco-ontwerpen uit de jaren twintig en aan Marokkaanse tegels doen denken. Kaagman beheerst die vlekkentechniek perfect. Hij suggereert diepte en ruimte, zoals je die wel tegenkomt in strips over ruimteavonturen. (JAN BART KLASTER, Parool, 1985)

GRAFFITI KUNST IN TUNNEL
Met grote, ongelovige ogen kijken ze hem aan, de twee jongetjes
uit de Transvaalbuurt. "Heeft u dat helemaal gemaakt, tot dáár ??"
vragen ze aan Hugo Kaagman. Bewonderend schieten hun blikken door het veertig
meter lange tunneltje, waarvan de betonnen muren gevuld zijn met een
veelkleurige overdaad aan graffiti, die de sombere plek een veel aangenamere
aanblik geven.

The cover of the PAROOL bijlage 1985, story of the Transvaaltunnel mural.
De
'eerste staats-graffiti-artiest' noemt Kaagman zichzelf grinnikend. Graffiti -
de bij uitstek 'illegale', in het geniep uitgevoerde straatkunst- is in deze
tunnel verheven tot 'officiële' kunst: Kaagman opereert in opdracht van de
gemeente Amsterdam en van de buurt. Sinds mei werkt hij in de fiets- en
looptunnel die onder het spoor door loopt en de Wibautstraat ter hoogte van het
metrostation verbindt met de Tugelaweg/Ben Viljoenstraat. Overmorgen is de
officiële inwijding van de honderd meter graffiti, getiteld WereJd zonder
grenzen. Het is een verwarrende, psychedelische versmelting van
oorspronkelijk Hollandse symbolen (Rembrandt, molens, polders, Amsterdam,
ME'ers) met die uit de rest van de wereld (een portret van Nelson Mandela, een
oerwoud, palmbomen, Egyptische hiëroglyfen, Michael Jackson, Marokkaanse
motieven), Een
Al
acht jaar zwerft Kaagman gewapend met airbrush en spuit bus door Amsterdam. HIj
behoorde met Dr. Rat, De Zoot, de Kid, en N-power tot de eerste
Amsterdamse graffiti-artiesten of -kladderaars. Ze waren met z'n dertigen.
Overal kwam je ze tegen, tot verdriet en woede van Amster damse huis-, hotel- of
kantoorbezitters. Er was door schoonmakers niet tegen op te werken."De
straat is ons museum" was de leuze van deze punkers, die werk ten vanuit
galerie Anus in de Sarphatistraat. "Rat was de eerste échte, die álles
wat-ie zag volkalkte," herinnert Kaagman zich. Hijzelf was toen al een
'vrij ouwe punk' (23 jaar), maar dat was niet zo vreemd, zegt hij nu, "We
probeerden écht een heel nieuwe ideologie uit te dragen.Die kwam neer op: het
zelf doen, vechten voor je toekomst, nemen wat je toekomt, doen wat je wilt, dus
zonder subsidies. We zegden bijvoorbeeld allemaalonze uitkeringen op. Wat
anarchistisch dus."
Tegenwoordig
is Hugo Kaagman de enige van die graffiti-generatie die nog actief is. Hij noemt
zich niet langer Amarillo of Bwana 5, maar gewoon Kaagman. Of Hugo.
Hij heeft bereikt waar hij acht Jaar geleden voor begon te vechten: hij is
onafhankelijk, leeft van zijn schilderen. Net als zijn vriendin trouwens: Diana
Ozon -voorheen Gretchen G.- die kan bestaan van haar gedichten. En
inmiddels is de tweede graffiti-golf over Amsterdam gespoeld. Kaagman: "Die
beweging van 16- en 17-jarigen die nu als een gek loopt te spuiten verdwijnt ook
weer. Maar er komen ook wel goeien uit voort, zoals Shoe."
Een
maand geleden heeft Kaagman nog een nacht op het politiebureau vastgezeten,
nadat hij "nogal vervelend was aangepakt door taxi-chauffeurs met
honkbalknuppels". Die hadden hem met een spuitbus bezig gezien bij het
metrostation Weesperplein. In de Transvaaltunnel heeft Kaagman daarentegen sinds
mei in betrekkelijke rust kunnen werken. En in tegenstelling tot zijn vroegere
werk, dat binnen
Toen
hij in januari de opdracht had gekregen, vertrok Kaagman een tijdje naar
Senegal, waar hij denkend aan de Transvaalbuurt schetsen maakte. "Ik zoek
bewust een cultuurschok op. Ik ben in Senegal veel sensitiever, doordat
de geuren en kleuren daar veel intenser zijn. Daar ben je niet aan gewend, hier
in die koelkast. Kunst is hier weggestopt als pseudo-religie, in ivoren
torenkerken. In Senegal is het leven veel simpeler, overzichtelijker en
functioneert de kunst direct,"
Kaagman
heeft zich door de tekenaar M. Escher laten inspireren bij zijn metamorfose van
rechthoeken in vliegende haaien. En hij heeft een paar zwevende velletjes
geschilderd, die nog wit zijn en waarvan hij hoopt dat de buurt er poëzie op
kwijt wil. Deze laatste week is hij druk bezig de muren nog metkleine details
aan te vullen. "Ik wil, dat mensen hier uren kunnen stilstaan. Dat doen ze
al. Een bejaarde man, die niet zo snel kon lopen, heeft me bedankt dat-ie
tijdens het stilstaan plaatjes had om naar te kijken."
CATHERINE
VAN HOUTS

Photo of Karen Lixenberg, photographer in front of the Transvaaltunnel, by Wubbo de Jong, for het Parool, 1987
© Hugo Kaagman 2007 Tel. 0(031)651483623 e-mail: Hugo@Kaagman.nl